Vlaamse zelfstandigen, vrije beroepers en kmo’s stappen met weinig vertrouwen 2026 in. Dat blijkt uit een bevraging bij 750 ondernemers. Bijna drie op de tien verwachten dat 2026 slechter wordt dan 2025, terwijl slechts 19 procent rekent op een beter jaar. De verwachting voor 2026 bij Vlaamse ondernemers kleurt daarmee duidelijk negatief. Dalende marges, stijgende kosten en nieuwe regels zetten ondernemers op de rem. Nuttige links
Weinig ruimte om vooruit te kijken
Voor veel ondernemers voelt 2026 niet als een nieuwe start, maar als een verlengde van een moeilijk jaar. De helft ziet het nieuwe jaar vooral als een voortzetting van 2025, dat voor velen al geen evident jaar was. Bijna 30 procent verwacht zelfs een duidelijke terugval.
Stijgende kosten springen eruit als grootste zorg. Twee op de drie ondernemers noemen hogere uitgaven voor lonen, energie en grondstoffen als hun belangrijkste probleem. Daarnaast maakt bijna vier op de tien zich zorgen over bijkomende of veranderende regelgeving. Ook personeel vinden en behouden blijft lastig, net als de digitale omslag die van bedrijven wordt verwacht.
Volgens Bart Buysse, gedelegeerd bestuurder van UNIZO, kijken ondernemers vandaag minder vooruit omdat ze daar de ruimte niet voor voelen. Als kosten blijven stijgen terwijl marges onder druk staan, verschuift de aandacht naar overleven. Plannen worden gepauzeerd, investeringen uitgesteld en soms wordt ook de bezetting aangepast. Dat is volgens hem voor veel ondernemers geen keuze, maar noodzaak.
Investeren alleen als het niet anders kan
Die onzekerheid vertaalt zich rechtstreeks in de plannen voor 2026. Bijna de helft van de kmo’s zegt geen nieuwe investeringen te voorzien. Nog eens 32 procent houdt het bij kleine, strikt noodzakelijke uitgaven om de dagelijkse werking draaiende te houden. Slechts 8 procent plant investeringen die echt inzetten op groei, innovatie of uitbreiding.
Dat betekent dat het overgrote deel van de ondernemers voorlopig op de rem staat. Op langere termijn kan dat wegen op competitiviteit, werkgelegenheid en duurzaamheid. Thema’s zoals internationalisering en verduurzaming krijgen opvallend minder aandacht dan in andere jaren. Niet omdat ondernemers die ambities kwijt zijn, maar omdat de focus vandaag ligt op overeind blijven.
Loonkosten blijven zwaar doorwegen
Boven op die onzekerheid komen de loonkosten. Met de publicatie van de inflatiecijfers voor december 2025 is duidelijk dat een deel van de werknemers in januari 2026 een brutoloonindexatie van 2,21 procent krijgt. Samengeteld met de indexaties van de voorbije jaren zijn de loonkosten in vijf jaar tijd met 21,93 procent gestegen.
Concreet: waar een werkgever in 2021 100 euro aan loonkosten betaalde, is dat vandaag 122 euro. Dat is evenveel als de stijging over de periode 2007 tot 2021, maar dan gespreid over slechts vijf jaar. Volgens een raming van UNIZO gaat het voor de private sector samen om een loonkostenfactuur van ongeveer 40 miljard euro.
Buysse wijst erop dat indexatie losstaat van de economische realiteit in veel kmo’s. Maatregelen zoals de structurele vermindering van patronale bijdragen en de invoering van een centenindex worden positief onthaald, maar hij waarschuwt dat die geen nieuwe lastenverhoging mogen worden. Tegelijk pleit hij voor een structurele hervorming van het systeem van loonindexatie. Die opdracht ligt volgens het regeerakkoord bij de sociale partners, met eind 2026 als deadline.




