Leegstand handelspanden stijgt volgens nieuwe cijfers van Locatus naar 11,9 procent in België. UNIZO noemt dat een alarmsignaal, omdat de stijging niet alleen grote steden raakt maar steeds meer ook middelgrote en kleinere centra waar winkels, diensten en bankkantoren verdwijnen.
Minder passage, minder omzet
Volgens UNIZO is dit al het tweede jaar op rij waarin de cijfers opnieuw verslechteren. In Vlaanderen klimt de leegstand van 10,8 naar 11,9 procent, waardoor het verschil met het Belgische gemiddelde verdwijnt. Dat is voor ondernemers belangrijk, want leegstand is zelden een los vastgoedprobleem.
Minder bezette panden betekenen vaak minder passage, minder aantrekkingskracht en uiteindelijk ook minder omzet voor wie wel nog in de kern actief blijft. Voor retailers, horeca en dienstverleners kan zo’n negatieve spiraal snel voelbaar worden.
Beleid rond kernen en periferie
UNIZO koppelt de stijging aan de verdere ontwikkeling van handelsactiviteiten buiten stads- en dorpskernen. Volgens de organisatie creëert extra perifere retail bijkomende concurrentie voor bestaande handelszones, terwijl de leegstand in centra verder groeit.
Voor ondernemers is dat een beleidsdossier met directe economische gevolgen. Op kmo.partners kijken we daarom niet alleen naar cijfers, maar ook naar wat ze betekenen voor investeringen, locatiekeuzes en kernversterking. De volledige reactie van UNIZO is terug te vinden op de officiële bronpagina.
Waarom dit verder gaat dan retail alleen
UNIZO benadrukt dat sterke kernen niet alleen draaien rond winkels, maar ook rond diensten en andere economische activiteit. Als die mix verdwijnt, verliest een centrum ook leefbaarheid. Voor ondernemers betekent dat dat locatiebeleid, bereikbaarheid en ruimte om te ondernemen opnieuw hoger op de agenda moeten komen.
