Het Nederlandse ministerie van Economische Zaken heeft in Gent uitgelegd hoe Vlaanderen bij de discussie over nieuwe kerncentrales betrokken zal worden. De boodschap was duidelijk: de grensregio krijgt dezelfde informatie als de Zeeuwse gemeenten, op hetzelfde moment en via dezelfde kanalen.
Besluit valt pas in 2027
Volgens de huidige planning valt het definitieve locatiebesluit pas in de eerste helft van 2027. In beeld blijven nog Terneuzen, de Eemshaven of beide locaties samen. De Eemshaven wordt technisch het meest geschikt genoemd, onder meer omdat Zeeuws-Vlaanderen nog geen hoogspanningsnet heeft.
Voor gemeenten als Assenede, Maldegem en Zelzate is dat geen theoretische kwestie. Als een reactor in de buurt van Terneuzen komt, schuift de discussie meteen de grens over en raakt ze ook Vlaamse inwoners en besturen.
Transparantie in de grensstreek
De Nederlandse vertegenwoordiging benadrukte dat er tijdig en open gecommuniceerd zal worden. Informatiebijeenkomsten, gesprekken met bewoners, gemeenten en maatschappelijke organisaties moeten ervoor zorgen dat de betrokken regio niet achteraf voor voldongen feiten komt te staan.
Ook aan Vlaamse zijde klinkt begrip voor die aanpak. In een dossier met lange doorlooptijd en veel gevoeligheden is informatie minstens zo belangrijk als het finale locatiebesluit zelf.
Meer dan energie alleen
Voor de brede economie is dit een dossier dat verder reikt dan energiebeleid. Voor havens, industrie en logistiek in de grensregio spelen zekerheid, netcapaciteit en ruimtelijke planning een rol die nog jaren zal doorwerken.
De kernvraag is dus niet alleen waar de centrales uiteindelijk komen, maar ook hoe de grensregio onderweg wordt meegenomen in de keuzes die het energiebeleid van de komende jaren bepalen.