Sinds 1 juli 2026 zijn flexi-jobs in principe in alle sectoren mogelijk. Sectoren mogen het stelsel echter uitsluiten of later opnieuw toelaten. De eerste opt-outs staan nu in een koninklijk besluit van 30 augustus 2026 (BS 9 september 2026).
Welke sectoren zijn uitgesloten sinds 1 juli 2026?
- Dienstboden (PC 323 – werkgeverscategorie 037)
- Begrafenisondernemers (PC 320 – categorie 320), met uitzondering van arbeiders die activiteiten zoals een gelegenheidswerknemer uitoefenen (aangifte met notie E in zone Extra)
- Landbouw (PC 144 – categorieën 193 en 293)
- Tuinbouw (PC 145), met uitzondering van aanleg en/of onderhoud van parken en tuinen; uitgesloten zijn categorieën 194, 494 en 594
- Zeevisserij (PC 143), met uitzondering van walpersoneel (019) en pakhuizen (086); flexi-jobs niet in categorie 186 (visveilingen)
Voor 2026 kan een sector per kwartaal opt-out of opt-in doen. Vanaf 2027 enkel nog op jaarbasis.
Vlaamse kinderopvang: plafond 20%
In de Vlaamse kinderopvang (PC 331, NACE 88.91) mag het jaarlijks arbeidsvolume aan flexi-jobs maximaal 20% bedragen van het totale jaarlijkse arbeidsvolume van alle werknemers bij die werkgever.
Wat betekent dit voor uw onderneming?
KMO-IMPACT: OPVOLGEN
- Voor wie: werkgevers die flexi-jobs gebruiken of plannen, zeker in landbouw, tuinbouw, zeevisserij, begrafenis, dienstboden of kinderopvang.
- Vanaf wanneer: opt-outs gelden sinds 1 juli 2026 volgens KB 30 augustus 2026.
- Wat moet u doen: check uw paritair comité en werkgeverscategorie; stop of vermijd flexi-contracten in uitgesloten categorieën; kinderopvang: bewaak de 20%-grens.
- Nog niet duidelijk: latere opt-ins of bijkomende sectorbesluiten — volg BS en uw sociaal secretariaat.
Meer info — geert.deman bij besox.be